|
www.WorkForAll.org Economische Nieuwtjes October 2005
ZAL ONS WELVAARTSMODEL WELDRA IN ELKAAR KLAPPEN?
Door Willy De Wit, Medewerker van de onafhankelijke denktank “Workforall”
Eindredaktie: Eric Verhulst, voorzitter
Wij hopen dat dit niet zal gebeuren, maar wij vrezen het.
Dit is het slechte nieuws, het goede nieuws is, dat wij er allen nog iets kunnen aan doen. Dit is vooral belangrijk, voor diegenen onder ons, die kinderen en/of kleinkinderen hebben. Indien wij niets doen, dan zou hun toekomst in ons land wel eens hopeloos kunnen zijn.
In bepaalde economische denktanks groeit de overtuiging, dat ons West-Europees economisch model zeer binnenkort zal instorten, te beginnen met Duitsland, gevolgd door Frankrijk en daarna door België. (waarschijnlijk in die volgorde). Die stelling berust niet op doemdenken, maar is gebaseerd op een nuchtere en grondige analyse van de feiten en de cijfers.
Niemand kan beweren, dat West-Europa nog steeds een voorbeeld is van sociale rechtvaardigheid, wanneer de werkloosheid in de EU is opgelopen tot 19 miljoen. Duitsland alleen telt er 5 miljoen (al dicht bij het 6 miljoen), evenveel als tijdens de grote crisis van de jaren ’30 van vorige eeuw. (Toen heeft men de crisis opgelost met een wereldoorlog.) Duitse economische instituten voorspellen dat het cijfer zal oplopen naar 9 miljoen indien er niet dringend structurele maatregelen worden getroffen, en het ziet er niet naar uit dat dit zal gebeuren. In België is het aantal werklozen opgelopen tot 1.100.000 (dit is het werkelijke cijfer) In Frankrijk heeft slechts 25 % van de jongeren tussen 15 en 24 jaar een job, vergeleken met 54 % in de VS.
De politici kunnen geen afdoend antwoord formuleren. Vakbonden en politici schermen alleen nog met slogans, waarbij het woord sociaal niet uit de lucht is, maar ondertussen wordt het meest a-sociale beleid gevoerd dat men zich kan indenken. Velen, die zwaaien met de slogan dat er een meer “sociaal” Europa moet komen, stellen echter zelf zeer dikwijls extreem a-sociale maatregelen voor. In Frankrijk bv. werd enkele jaren geleden als summum van sociale maatregel de 35 urenweek ingevoerd. Maar hoe kan men dat als “sociaal” bestempelen, als o.m. hierdoor 75 % van de jeugd geen werk vindt. Terloops willen wij opmerken, dat naar onze mening het ontwerp van Europese grondwet, zoals het nu is opgevat, bij toepassing, de toestand alleen nog maar zou verergeren. Een “neen” van de bevolking zou dan ook een van de eerste lichtpunten zijn in een bewustwording van de toestand door het grote publiek.
De echte schuld van de misgroei kan niet gelegd worden uitsluitend bij de huidige generatie van politieke leiders of vakbonden. Zo hebben meerdere Nobelprijswinnaars economie al herhaaldelijk de mening verkondigd, dat de diepere oorzaak van onze economische ontsporing ligt bij de teloorgang van de economische wetenschap tijdens de 20° eeuw. (Zie o.m. de geschriften van Friedrich A. Hayek, Gary Becker en Robert Mundell, Nobelprijswinnaars economie respectievelijk in 1974, 1992 en 1999). Toen (vanaf 1935) heeft de leer van de Engelse econoom en filosoof John Maynard Keynes stormenderhand de West-Europese universiteiten veroverd. Pas de laatste jaren is gebleken welke ravage deze leer heeft aangericht. De benadering van een nieuwe elite van economen is nog maar zeer recent, en slechts druppelsgewijze beginnen doordringen aan onze universiteiten. De media, de politici, de vakbonden en de publieke opinie hebben blijkbaar nog geen weet van de nieuwe denkbeelden. Zij doen nog altijd een beroep op het economische model van het planmatig denken van de vorige eeuw.
Recente grondige analyses tonen aan, dat meer concreet voornamelijk twee oorzaken aan de basis liggen van de misgroei: een overmatig beslag van de overheid op de economie en een verstikkende en demotiverende belastingdruk. (Zie o.m. de studie van de denktank WorkForAll, studie die gebaseerd is op multipele regressieanalyse, dit is dezelfde methode die toegepast wordt door het IMF, het Internationaal Monetair Fonds.) (zie www.workforall.org) In België legt de overheid beslag op 51.4 % van onze welvaart tegenover 30.3 % in 1960. Het aantal overheidsambtenaren groeide in ons land van 700.000 in 1970 naar meer dan 1.000.000 vandaag. Het aantal verdubbelde zelfs de laatste 50 jaar en dit bij een ongeveer gelijkblijvende bevolking. In Duitsland nam het beslag van de overheid op de welvaart toe van 34.6 % in 1960 tot 54.5 % in 2003. In heel wat EU-landen stelt men een gelijkaardige evolutie vast. Deze steeds groeiende overheidssector verstikt de productieve privé-sector, die de groeiende last hiervan moet dragen. De belastingdruk is dan ook stelselmatig opgedreven tot onethische niveaus. Het logische gevolg: de ondernemingen kunnen de hoge loonkosten niet meer betalen. Het deel van het loon dat aan de overheid moet worden afgedragen is tot twee keer het nettoloon. Het te lage nettoloon (te laag wegens de te grote afhoudingen) demotiveert werknemers, die in vele gevallen verkiezen te gaan stempelen of onderduiken in het zwarte circuit. Het is dan ook helemaal niet verwonderlijk, dat ondanks de extreem hoge werkloosheid, vele ondernemers erover klagen dat zij geen geschikte en gemotiveerde arbeidskrachten kunnen vinden. Vandaar dat steeds meer bedrijven in steeds sneller tempo uitwijken naar fiscaal vriendelijke landen en dat er een aversie is gegroeid tegenover werken, ondernemen, investeren en sparen. Ook de progressiviteit in de belastingsschalen werkt averechts. Deze progressiviteit vernietigt economische activiteit en uit een analyse van de cijfers is gebleken, dat vooral de lagere inkomsten hiervan het slachtoffer zijn. Een recente enquête in de scholen, wees uit één op de acht kinderen werkloze ouders heeft.
Is er een remedie?
Die bestaat inderdaad en daar is al heel veel over gepubliceerd. Maar er is één erg spijtige vaststelling. Economen die publiceren, hebben de onhebbelijke gewoonte hun teksten onnodig ingewikkeld en lang te maken. Politici en vakbonden lezen geen lange teksten, omdat zij hiervoor geen tijd hebben. Ingewikkelde teksten nog veel minder. Bovendien zijn er tegenstellingen van belangen. De vakbonden hebben geen enkel belang bij de sanering van de overheidssector. Een sterke vermindering van het aantal overheidsambtenaren bv. zou hun machtspositie aanzienlijk verminderen. Dit is trouwens de enige reden waarom o.m. de NMBS met 20.000 man teveel personeel niet gesaneerd wordt. Daarom volgt hierna het succesverhaal van Ierland. Dat land heeft ons de weg gewezen in welke richting de oplossing kan gezocht worden. Ierland zat twintig jaar geleden nog veel dieper in de put dan wij nu, maar is van het armste land van de EU op enkele jaren uitgegroeid tot het tweede rijkste (na Luxemburg), met een quasi volledig verdwijnen van de werkloosheid. Indien men in de EU de methode van Ierland wil toepassen, dan worden wij misschien wel rijker dan de VS. Wij willen je de volgende keer graag vertellen hoe Ierland dit heeft klaargespeeld
HET MIRAKEL IERLAND.
(The Celtic Tiger)
Meestal gebeuren mirakels binnen een Kerkgemeenschap. Diegenen die het geluk hadden mirakels te produceren, werden daar doorgaans ook voor beloond, nl. heiligverklaring. Ierland heeft aangetoond, dat ook stille mirakels mogelijk zijn en dat daar ook een enorme beloning aan vast hangt, nl. een beloning die echter weggelegd is voor de ganse Ierse bevolking, niet door een heiligverklaring, maar door een creatie van een uitzonderlijke welvaart.
De welvaarts-explosie die Ierland de laatste 17 jaar heeft neergezet kan beschreven worden als een ongeëvenaard wonder. Voor onze politici zou dit een aansporing kunnen zijn, om dezelfde maatregelen te nemen, met garantie op succes. Om welbepaalde redenen zal dit echter niet gebeuren. Dit is dramatisch, maar het is zo. De redenen hiervan wil ik u graag uiteenzetten in een volgend hoodstuk.
Armoede
Honderden jaren lang was Ierland het armste land van Europa. Toen het 30 jaar geleden toetrad tot de EU, was het land er zeer slecht aan toe. Het leven was armtierig en de hoge werkloosheid leek een chronische ongeneeslijke kwaal. In 1982 was de totale uitstaande overheidsschuld opgelopen tot 92.2 % van het BBP (Bruto Nationaal Product), om verder te stijgen naar 110 % van het BBP in 1986, na België het hoogste cijfer van alle OESO-landen. Het gemiddelde voor de OESO- landen lag toen op 58.1 %. In 1987 bedroeg de werkloosheid in Ierland het ongelooflijke cijfer van 17.7 % van de beroepsbevolking, 60 % hoger dan in België (ons cijfer was toen 11 %). De gemiddelde werkloosheid van de OESO-landen lag toen op 7,3 % van de beroepsbevolking. Tegelijk ging Ierland gebukt onder zeer hoge belastingtarieven.
Ommekeer: van arm naar rijk
Na de verkiezingen van 1987 kwam er een drastische ommekeer. Minister van Financiën Bertie Ahern, later in die functie opgevolgd door Charlie McGreevy, hebben hierbij een sleutelrol gespeeld. (Bertie Ahern werd dan premier). Beide mannen hadden blijkbaar een gezond boerenverstand. Zij moesten niets weten van de vele aanbevelingen van de academische economen en nog veel minder van de bureaucraten van de EU.
Zij zagen in dat de zeer hoge belastingtarieven een sterke rem betekenden op ondernemersinitiatief, op investeren, werken, sparen en beleggen. Zij begrepen blijkbaar datgene wat de bureaucraten van de EU niet begrepen, nl. dat mensen en ondernemingen bereid zijn te werken en te investeren als zij ervoor betaald worden. En dat die bereidheid wegvalt, als het grootste deel van het loon of de verdienste aan een (te) gulzige en dikwijls verkwistende overheid moet afgestaan worden. De oplossing van het “probleem Ierland” leek hun zo eenvoudig. Geleerde boeken hadden zij voor die oplossing niet nodig. Wat deden ze:
Het hoge marginale belastingtarief in de personenbelasting werd verlaagd van 64 % eerst naar 48 % en daarna naar 42 %. De vennootschapsbelasting werd spectaculair verlaagd van 32 % naar 12.5 %. Dit was alles, eenvoudiger kon het niet.
Welvaarts-explosie
Deze maatregelen bleken een schot in de roos. Tussen 1995 en 2003 steeg het BBP (Bruto Binnenlands Product ) met een formidabele 86 %. Het BBP is de waarde van alle goederen en diensten die een land in één jaar voortbrengt, het is dus de welvaartsmeter, of de rijkdom als u wil. Ondanks (of dank zij) de sterke vermindering van de belastingtarieven, stegen de inkomsten uit belastingontvangsten met een onwaarschijnlijke 73.6 %. De werkloosheid die in 1987 was opgelopen tot 17.7 % daalde naar 4.2 % in het jaar 2000. Door de sterke stijging van de belastingontvangsten werd de overheidsschuld in snel tempo afgebouwd. Deze schuld bedraagt thans nog slechts 30 % van het BBP (komende van 110 %). In België ligt deze schuld nog steeds rond de 100 % van het BBP. Ierland heeft thans de laagste overheidsschuld van alle EU-landen, terwijl het in 1987 nog de tweede hoogste had (na België). Wat een prestatie!
Hoe kunnen belastingontvangsten zo sterk stijgen met veel lagere belastingtarieven?
Vroeger dacht men dat dit kwam door de verhoging van de consumptie. Op eerste zicht logisch, omdat de mensen met de lagere belastingtarieven netto meer over houden en dus meer kunnen consumeren. De koopkracht zou stijgen. Daardoor zou de economie (zo dacht men) uitbreiden en de belastingontvangsten zouden stijgen. (In economisch jargon noemt men dit “de vraagtheorie”).
Die visie is onjuist gebleken. Uitgebreid onderzoek heeft uitgewezen, dat een tariefverlaging van belastingen (op voorwaarde dat de verlaging aanzienlijk is) een heel ander effect heeft. De verlaging zal niet de consumptie aanwakkeren, maar zal een sterke uitbreiding meebrengen van het ondernemersinitiatief, van investeringen, van werken, van sparen en beleggen. Dit laatste is noodzakelijk omdat de gespaarde gelden nodig zijn voor de financiering van de investeringen. De stijging van de consumptie zal pas volgen daarna.
Maar er is nog een tweede (schijnbare) paradox. Als men het hoogste marginale belastingtarief aanzienlijk verlaagt (dit is dus het tarief van de zogenaamde “ rijken”), dan heeft men steeds vastgesteld dat deze “rijken” na de tariefverlaging een hoger bedrag aan belastingen betalen dan ervoor. De logica van dit eerder vreemde fenomeen is niet ver te zoeken. De “rijken” zijn doorgaans het meest ondernemende deel van de bevolking. Het zijn zij die het sterkst reageren op een verlaging van de belastingtarieven door hun economische activiteit te verhogen. Zij investeren opnieuw en nemen ondernemersinitiatief. Hun belastingbasis verbreedt. Een lager tarief op een veel bredere belastingbasis kan meer opbrengen dan een hoog tarief op een smalle basis. Als er geen economische activiteit is, is er ook geen inkomen en dan mag het belastingtarief zo hoog zijn als men maar wil, maar de Staat zal niets ontvangen.
Misschien wist u dit niet of gelooft u dit niet
Dan moet u zich niet ongelukkig voelen, de politici weten het ook niet. Om uw twijfels weg te nemen vindt u in wat volgt cijfer materiaal of verwijzen wij u naar www.workforall.org . Het belang van dit fenomeen is natuurlijk enorm. Indien de politici en de bevolking dit mechanisme zouden begrijpen, dan kunnen onze politici hetzelfde doen, als Bertie Ahern en Charlie McGreevy. Dan ook zouden wij maar de helft zoveel belasting betalen en onze werkloosheid zou volledig verdwijnen, en onze staatsschuld zou snel kunnen afgelost worden.
HET DUITSE DRAMA
Hierna nog een klein woordje over Duitsland, omdat dit thema thans brandend actueel is.
Op dit ogenblik speelt zich in Duitsland een economisch drama af waarvan de gevolgen zo verstrekkend zullen zijn, dat zij gewoon niet te overzien zijn.
Wat is er aan de hand?
Duitsland zit zo diep in de put (5 miljoen werklozen en stijgend), dat velen denken aan een ware ineenstorting. Duitsland wordt het Ierland van 30 jaar geleden indien niet snel totaal nieuwe maatregelen worden genomen.
In de aanloop naar de verkiezingen, heeft de partij van Angela Merkel een prachtig voorstel gelanceerd als programmapunt, nl. de invoering van een vlaktaks van 25 % op alle inkomsten boven € 8.000. Dit voorstel werd uitgewerkt door Professor Kirchhof, een fiscale deskundige, die blijkbaar het Ierse succesverhaal bijzonder goed kende. ( Kirchhof was door Angela Merkel voorbestemd om minister van Financiën te worden, als zij de verkiezingen zou winnen.) Die maatregel zou een aanzienlijke lastenverlaging betekenen, vooral voor de hoge inkomens, die nu door de progressie van de belastingsschalen zwaar worden afgestraft. Bij een vlaktaks valt die onrechtvaardigheid weg, omdat iemand die bv. het dubbele verdient ook het dubbele aan belasting betaalt, maar niet het drie of vierdubbele, zoals dat met een de huidige progressieve schaal het geval is.
Kirchhof en Merkel zijn blijkbaar witte raven, die begrepen hebben, dat deze maatregel een gelijkaardig effect zou hebben als in Ierland. Het is zeker geen “cadeau” aan de “rijken”, want deze zullen met quasi zekerheid na de verlaging een hoger bedrag aan belasting betalen, wegens de verbreding van hun belastingsbasis.
Het voorstel Kirchhof was de reddende hand die gereikt werd aan de Duitse drenkeling.
Helaas, het heeft niet mogen zijn.
Een storm van protest barstte los bij de SPD (De Socialistische Partij) . Zij kwamen met de eeuwige (leugenachtige) slogan, dat het voorstel van de vlaktaks een cadeau was voor de rijken en dat dit onaanvaardbaar was. Integendeel men moest de “rijken” bestraffen met een vermogensbelasting in te voeren. Merkwaardig was dat het brede publiek het ook zo zag en Merkel moest het voorstel intrekken en verloor plots in de verkiezingspolls een groot deel van haar voorsprong ten opzichte van Schröder. Ook werd zij wellicht verplicht Kirchhof als kandidaat-minister van Financiën te laten vallen. De gevolgen van de houding van de Socialisten, zouden wel eens dramatisch kunnen zijn voor Duitsland.
Zo is nog eens bewezen, dat het overgrote deel van de politici en van het publiek geen jota begrijpt hoe de economie echt werkt. Moge dit voor u en voor mij een aansporing zijn, om met het initiatief van WorkForAll verder te gaan en te proberen zoveel mogelijk mensen op een zeer eenvoudige manier uit te leggen hoe de vork precies aan de steel zit. Indien u met onze standpunten kan akkoord gaan, dan hoop ik, dat u deze teksten dan ook aan zoveel mogelijk van uw relaties en kennissen zal willen doorzenden.
DE VREEMDE PARADOX: MINDER IS MEER!
Eerste paradox
In wat vooraf ging zagen wij voor Ierland:
Minder belastingdruk = méér inkomen voor de overheid. Dus minder = méér.
De reden: bij veel lagere belastingtarieven ontstaat er een explosie van economische activiteit. De belastingsbasis wordt breder en een lager tarief op een veel bredere basis, kan voor de overheid méér opbrengen, dan een hoog tarief op een smalle basis.
Tweede paradox
Nog vreemder is, dat men steeds vaststelt, als men het hoogste marginale belastingtarief aanzienlijk verlaagt (dus het tarief voor de hoge inkomens), dat deze inkomenscategorie na de verlaging méér aan belastingen betaalt dan vóór de verlaging. Dit komt omdat juist die categorie het sterkst reageert op een verlaging. Begrijpelijk, als men eerst voor 70 % belast wordt voor elke bijkomende activiteit en daarna maar 28 % dan is het nogal logisch dat er opnieuw een enorme stimulans ontstaat tot economische prestatie. De voorwaarde is wel, dat de verlaging zeer aanzienlijk moet zijn.
Is hiervoor nog wel méér overtuigend bewijsmateriaal voorhanden dan alleen voor Ierland?
Het antwoord is ja, zelfs voor ons land.
In België:
In België spreken de politici zeer veel en zeer dikwijls over de verlaging van de belastingdruk, maar zij doen het niet, tenzij symbolisch. Toch een paar gelukkige uitzonderingen:
- Enkele jaren geleden werd de roerende voorheffing sterk verlaagd. Na deze verlaging stegen de ontvangsten voor de overheid uit deze voorheffing aanzienlijk
- Vanaf 1 januari 2004 werd het tarief van de schenkingsrechten verlaagd. In dat jaar stegen de ontvangsten uit schenkingsrechten met € 81 miljoen, zijnde een stijging met 197 % tegenover 2003. De eerste 5 maanden van 2005 gaat de stijging verder en de ontvangsten verdubbelden tegenover de eerste vijf maanden van 2004.
- Registratierechten: die werden verlaagd. In 2004 stegen de ontvangen registratierechten met € 149 miljoen (+ 14.86 %) tegenover 2003
Dit alles is toch erg logisch. Als de schenkingsrechten te hoog zijn, dan gebeuren er eenvoudigweg geen (of toch zeer weinig) schenkingen. De inkomsten voor de staat zullen dan laag liggen. Zelfs politici zouden deze logica moeten begrijpen.
In andere landen
De USA
Hier zijn flagrante bewijzen te vinden, zelfs vanaf 1920.
- De legendarische minister van financiën Andrew Mellon (onder President Calvin Coolidge) verlaagde in 1924 het hoogste marginale tarief in de personenbelasting van 73 % naar 25 % (bijna niet te gelo ven). In 1922, dus vóór de tariefverlaging, betaalde de categorie hoge inkomentrekkers (inkomens + $ 100.000) een bedrag aan belastingen van $ 300 miljoen. In 1925 na de verlaging dus, liep dit bedrag op naar $ 359 miljoen, om verder te stijgen naar $ 714 miljoen in 1928. De economische activiteit van die hoge inkomentrekkers had zich in dergelijke mate uitgebreid, dat een veel lager tarief op een veel bredere belastingsbasis voor de overheid méér aan inkomen kon geven.
- President Hoover deed later het omgekeerde. Hij verhoogde de belastingtarieven op dramatische wijze en de eerste stap was gezet naar de zwaarste economische recessie van de voorbije eeuw. (de jaren ’30).
- De “Kennedy tax cut “ : Kennedy keurde een tariefverlaging goed van gemiddeld 20 % in de personenbelasting. De verlaging trad in voege in 1964 en 1965 na zijn dood. Het overheidstekort daalde daarop van $ 4.8 miljard in 1963 naar $ 1.4 miljard in 1965 en 4.1 miljoen nieuwe arbeidsplaatsen werden gecreëerd.
- De “Reagan tax cut”: Ondanks enorme tegenkanting van de politici, van het toenmalig economisch establishment en van de media is Ronald Reagan (1980-1988) erin geslaagd een zeer aanzienlijke belastingverlaging door te voeren in de jaren ’80. Zeer weinigen weten dit, maar Reagan was een man met een bijzonder knap intellect. Ook verstond hij de kunst om zeer ingewikkelde zaken op een zeer eenvoudige manier naar voor te brengen. Wegens die eenvoud dachten velen dat hij een beetje “dom” was, of zelfs een beetje “simpel”. Maar die “domme” Reagan heeft de USA zeer snel uit de diepe economische depressie van de Carter jaren gehaald en dit op een spectaculaire wijze. Wanneer politici en geleerde (?) professoren in economie hem kwamen vertellen, dat hij de zeer hoge belastingtarieven van het Carter tijdperk (hoogste tarief 70 %!) absoluut niet mocht verlagen, antwoordde hij:”.Ik heb altijd geleerd, dat de mensen willen werken, als zij er goed voor betaald worden. Nu moeten jullie mij eerst eens uitleggen, waarom wij die stimulans tot werken moeten wegnemen, door het grootste deel van het loon af te nemen voor de overheid”. Met zulke ongelooflijke eenvoud, zette hij die geleerde heren, evenals de media voor schut, maar hij haalde zijn slag thuis. De tarieven in de personenbelasting werden verlaagd in 1981 van 70 % eerst naar 50 % en daarna in 1986 naar 28 % (om van te dromen!). Een storm van protest brak los. De media blokletterden, dat dit een geschenk was voor de “rijken”. Op 30 januari 1981 wanneer Reagan zijn programma had voorgesteld, schreef “The New York Times” dat Reagan met zijn programma van belastingverlaging aantoonde dat hij wijsheid (“wisdom”) tekort kwam. De inflatie en het begrotingstekort zouden helemaal uit de hand lopen. Maar die “onwijze” Reagan zou een van de sterkste economische expansies van de voorbije eeuw tot stand brengen. Tussen 1980 en 1988 werden 18 miljoen nieuwe arbeidsplaatsen gecreëerd. De werkloosheid daalde van 11 % in 1982 naar 5.4 % in 1988. De inflatie donderde naar beneden van 13.5 % in 1980 naar 4.1 % in 1988. Het begrotingstekort (na een aanvankelijke stijging) daalde van 4 % van het BBP in 1982 naar 3.2 % van het BBP in 1988 en naar 2.9 % in 1989. Opmerkelijk was dat de belastingen betaald door de hoge inkomentrekkers niet verminderden zoals de media en de linksdenkende politici hadden voorspeld, maar echter sterk stegen ondanks de zeer sterke tariefverlaging, zoals uit de hiernavolgende cijfers blijkt:
|
Inkomsten schijf
|
Procent betaalde belasting ten opzichte van het totaal
|
|
|
|
|
|
|
1984
|
1987
|
|
$ 0 - 15.000
|
5.8 %
|
2.8 %
|
|
$ 15.000 - 30.000
|
21.1 %
|
14.7 %
|
|
$ 30.000 - 50.000
|
29.0 %
|
23.0 %
|
|
$ 50.000 - 100.000
|
22 %
|
27.7 %
|
|
$ 100.000 - 200.000
|
8.6 %
|
11.9 %
|
|
$ > 200.000
|
13.4 %
|
19.8 %
|
|
|
100 %
|
100 %
|
(Bron: Internal Revenue Service USA, dit is de Amerikaanse belastingadministratie)
Men ziet dus duidelijk dat de lagere inkomens (beneden $ 50.000) minder belasting betaalden na de tariefverlaging. De hogere inkomens (boven $ 50.000) betaalden méér aan belastingen.
De tariefverlaging was dus helemaal niet een cadeau aan “de rijken”. Integendeel deze zogenaamde “rijken” betaalden méér belasting na de tariefverlaging, dan ervoor.
Dus precies hetzelfde fenomeen van wat zich heeft voorgedaan tijdens de Mellon tax cut en de Kennedy tax cut.
Ondanks de prachtige resultaten hebben de media en het economische establishment Reagan nooit kunnen vergeven, dat hij hun voor schut had gezet, met juist het tegenovergestelde te doen, van wat zij hadden beweerd dat er had moeten gebeuren. Zij zijn blijven heftige kritiek uitbrengen (zoals dit thans trouwens gebeurt met Bush). Ideologisch is dit ook een beetje te verklaren. Links denkende economen, politici en media zijn in principe steeds gekant tegen verlaging van de belastingdruk omdat zij blijkbaar geen inzicht hebben in de prachtige dynamiek van een dergelijke verlaging. Zij begrijpen blijkbaar ook niet blijkbaar dat dit vooral ten goede komt aan de lagere inkomens.
Zo bestond in 1981 een belangrijke kritiek erin, dat de belastingverlaging de al veel te hoge inflatie nog zou aanwakkeren.
Wanneer in 1982 de inflatie sterk daalde, beweerden de media en de economen, dat de intresten onmogelijk konden dalen, wegens de verlaging van de belastingtarieven.
Wanneer in 1983 de intrestvoeten aanzienlijk daalden, bracht men naar voor dat het overheidsdeficit de pan zou uitswingen. Toen dit niet gebeurde bracht men het thema op de dollar. Wanneer de dollar sterker werd, wees men op het grote gevaar dat hierdoor een recessie zou ontstaan. Men was vergeten dat men enkele jaren daarvoor hetzelfde had gezegd wegens de zwakte van de dollar. Ten einde raad trachtte men de bevolking nog wijs te maken dat de rijken rijker werden en de armen armer, een slogan die het steeds goed doet bij de bevolking. Maar ook hier waren de media verkeerd, zoals uit wetenschappelijk onderzoek is gebleken. Zie tabel hierna (overgenomen van het Urban Insitute).
|
Incomes and Social Mobility (1991 dollars)
|
|
|
Average Family income of 1977 Quintile members
|
|
1997 Quintile
|
1977
|
1986
|
% change
|
|
Bottom 20%
|
$15. 853
|
$27.998
|
+ 77
|
|
Second 20%
|
31.349
|
43.041
|
+ 37
|
|
Third 20 %
|
43.297
|
51.796
|
+ 20
|
|
Fourth 20 %
|
57.486
|
63.314
|
+ 10
|
|
Top 20 %
|
92.531
|
97.140
|
+ 5
|
|
All
|
48.101
|
56.658
|
+ 18
|
Uit deze tabel blijkt duidelijk dat de lagere inkomens veel sterker gestegen zijn tijdens de Reagan periode dan de hogere inkomens. De kritiek dat de belastingverlagingen alleen goed waren voor de rijken is dus gewoonweg een flagrante leugen
Ook Europa nam met gretigheid de kritiek van de linksdenkende Amerikaanse pers over. De verklaring hiervoor is tweeërlei. Vooreerst: praktisch alle media zijn linksdenkend. Een tweede verklaring is, dat de meeste journalisten gewoon berichten overnemen, die elders verschijnen, zonder controle over het waarheidsgehalte. Dit is menselijk, omdat het onnoemlijk veel tijd vraagt om de juiste economische gegevens en cijfers op te zoeken.Zelfs bij kranten, die zichzelf als kwaliteitskrant voorstellen kan men dit dikwijls vaststellen. Zo schreef Evita Neefs, hoofd van de redactie buitenland van de zogenaamde kwaliteitskrant “De Standaard” op 7 juni 2004, drie dagen na het overlijden van Ronald Reagan, een bijdrage, die zij als titel gaf: “Amerika verliest een beminnelijke domkop”. Uit de inhoud van haar opstel bleek dat dit mens er geen enkel besef van had wat deze President had gepresteerd. Dus wees voorzichtig als u kranten leest die zelf beweren dat zij kwaliteitskranten zijn. En voor de andere kranten wees nog voorzichtiger.
Gevolgen van de kritiek
De gevolgen van de totaal verkeerde voorstelling en de onwetendheid over economische prestaties zijn voor ons erger dan wij kunnen vermoeden. Waarom zouden onze politici tot belastingverlagingen overgaan, als zij in de media jarenlang hebben gelezen, dat Reagan een domkop was, die van economie niets afwist. En dat zijn programma alleen maar goed was voor de “rijken”, enz… Zoals wij persoonlijk al hebben ervaren, hebben zeer weinig politici in ons land een juist inzicht in de economische boom van de jaren ’80. Zij begrijpen hiervan de echte redenen niet, zomin als zij de huidige economische successen in Ierland (en ook in IJsland) begrijpen. Bij de vakbonden is het nog erger. Indien ze in deze materie een juist inzicht zouden hebben, dan zouden wij kans hebben op een halvering van onze belastingdruk. Wat een paradijs zou dit niet kunnen worden?
En de politici die het wel begrijpen?
Die kunnen niet anders dan hun mond houden. Een politicus die in ons land zou voorstellen om de hoogste belastingtarieven (dus voor de hoge inkomentrekkers) aanzienlijk te verlagen, pleegt politieke zelfmoord. Men mag er zeker van zijn dat een orkaan van verontwaardiging zou opsteken in de media en bij de linkse politieke partijen en bij de vakbonden. Onmiddellijk zou de gekende slogan worden boven gehaald, dat het een schande zou zijn een cadeau te geven aan “de rijken”. Laurette Onckelinx en Elio di Rupo zouden zonder twijfel striemende speeches houden op TV om hun grote woede en verontwaardiging te uiten. En de bevolking die van economie even weinig afweet als die twee heerschappen zal hier volledig mee instemmen.
Bij de recente verkiezingen in Duitsland heeft Angela Merkel dit aan den lijve moeten ondervinden. Zij had het prachtige voorstel van een vlaktaks van 25 % gelanceerd op het einde van de verkiezingscampagne. Een vlaktaks komt neer op een sterke verlaging van de hoogste tarieven maar met afschaffing van allerlei aftrekposten en de invoering van een belastingsvrij minimum inkomen. Onmiddellijk haalde Schröder de bovengenoemde slogan boven en de media sprongen mee op de kar. Merkel werd politiek afgemaakt en verloor haar grote voorsprong. Het gevolg is dat eenvoudige en prachtige voorstel werd begraven en geen kans meer maakt. Dit zal dramatische gevolgen hebben voor Duitsland en voor Europa, dat nog zeer moeilijk uit de economische put zal geraken. Zo ziet men dat de kiezer zichzelf in de eigen voet kan schieten, als de economische voorlichting ontbreekt.
De mythe van het Amerikaanse overheidstekort
Een kritiek die op het Reagan-tijdperk dikwijls geuit wordt is dat dit ten koste gegaan is van een zwaar oplopend begrotingstekort. We gaan hier verder in op die kritiek.
Een vlaktaks van 25 %
Ook de WorkForAll denktank heeft uitgerekend dat een vlaktaks tarief van 25 % voor iedereen een goede zaak zou zijn. De vele aftrekposten maken nu niet alleen het systeem hopeloos ingewikkeld (denk maar aan de 72 bladzijden toelichting bij uw belastingsaangifte en de 100 extra informatici die nodig zijn om Tax-on-Web correct te doen werken), maar ook rechtvaardiger. Onderzoek aan de K.U.Leuven heeft uitgewezen dat de hoogste inkomens nu in feite meer kunnen aftrekken dan de lagere inkomens. Door de vrijstelling op 6000 euro te houden (zoals nu), blijft het systeem progressief maar wordt extra werken niet langer ontmoedigd door een hoog tarief van 50%. Het maximum tarief wordt 25 % terwijl de lagere inkomens dikwijls gemiddeld maar 10 a 15 % zullen betalen. Ook de inningskosten (nu zo’n 10 % or 4 miljard euro volgens Professor Jef Vuchelen) gaan drastisch omlaag. Komt daarbij dat we niet langer belastingsalmanakken gaan nodig hebben. Wie zal er slecht bij varen? De belastingsconsulenten die niet alleen hun diensten aanbieden maar zelfs tijdschriften aan 150 euro/jaar vol met tips en adviesen om de belastingsdruk te verminderen.
Op korte termijn kan de invoering van de vlaktaks een injectie van zo’n 5 tot 10 miljard opleveren in de economie die voor nuttiger zaken kan gebruikt worden dan belastingsbrieven in te vullen. Waar wachten we nog op?
Ondertussen, staken de vakbonden ter vrijwaring van dubieuse rechten. Of zoals het deze morgen in De Tijd stond, hun aktie is een regelrechte oorlogsverklaring aan de jongeren wiens toekomst elke dag meer gehypothekeerd wordt. Ondertussen strijken ze wel zo’n 170 miljoen euro op aan commissies voor de uitbetaling van de werkloosheidsvergoedingen. Elke werkloze meer is meer inkomsten. Wat baat het als de zelf aangeduide PS-Voorzitter & Gemeenschapspresident Elio di Rupo verklaart “J’en ai mare des parvenus” als men zelf eerst jaren het perverse systeem in leven gehouden heeft ? Men zegge het voort.
NB. Nog steeds sterk aanbevolen voor objectieve en niet gemanipuleerde berichtgeving met een zeer degelijke achtergrondinformatie:
Reacties welkom op contact@workforall.org
Voor een pdf versie klik hier
|