Moeder, voor wie werken wij? VOKA heeft het uitgerekend.

Zoals de oplettende lezer al zal gemerkt hebben, in de affaire VW-Vorst is de Overheid zelfs de grootste ontvanger van wat de werkgever moet ophoesten, eerst om de werknemers te betalen en nu zelfs om ze een dure ontslagpremie te geven. Het moge duidelijk zijn, dit geldt niet alleen voor VW Vorst. Het geldt voor elke zelfstandige, het geldt voor elke KMO, het geldt voor elke onderneming die actief is in dit land. Men mag gerust stellen dat de Overheid met 2/3 van de loonkost gaat lopen. Men kan het ook anders stellen: de belasting op arbeid bedraagt 200%.

Tenslotte gaat men werken voor een nettoloon maar wat telt voor een onderneming (die werk verschaft) is de loonkost. Hoeft het ons dan te verwonderen dat er 1.2 miljoen Belgen van een vervanginsginkomen leven? Het systeem is dermate pervers geworden dat wie in dat vervangsinkoen verzuild geraakt er nog ternauwernood uit geraakt omdat gaan werken minder opbrengt. Dat dit zogenaamde sociale systeem vooral de lagere inkomens het hardst treft maakt het niet allen in se asociaal maar zelfs immoreel en discriminerend. De minimumlonen verhogen mag dan een sociale maatregel lijken, in de praktijk gaat ze werklozen bijmaken.

Nochtans men moet niet ver kijken. De recente versoepeling van de wetgeving op studentenarbeid (waarbij een zeer lage sociale zekerheidsbijdrage moet betaald worden) heeft 30000 jobs geschapen. Dit zou toch moeten duidelijk maken dat de enige manier om de werkloosheid en zwakke economische groei op te lossen, er in bestaat dit te veralgemenen naar alle werknemers en voor de ganse duur van hun tewerkstelling?

Maar neen, dat is voor de (officiële) sociale partners een veel te revolutionair idee ook al is het de logica zelf. Hoeft het ons te verwonderen dat de industrie wegtrekt en nauwelijks nog investeert? Hoeft het ons dan te verwonderen dat vele belgische bedrijven eieren voor hun geld kiezen en overgenomen worden door buitenlandse bedrijven? Hoeft het ons dan te verwonderen dat er te weinig kapitaal nog risikovol investeert en er te weinig potentiêle investeringsdossiers zijn?

Let wel, wij zijn niet tegen een verhoging van het nettoloon. VOKA ook niet. We reageren tegen het feit dat men de werkende mens voorschotelt dat hij 5% loonsverhoging gaat krijgen terwijl hij in werkelijkheid wellicht nog geen 1% koopkracht zal bijwinnen. Inflatie en loonbelasting vormen de rest. Wij reageren tegen het feit dat de sociale partners in hun overleg de echte probleem niet durven op tafel gooien en een belastingsvermindering van de overheid gaan eisen. VOKA doet dit wel in zijn persmedeling die u hieronder kunt lezen.

Overheid grote winnaar met 5,2 miljard euro extra inkomsten voor de volgende 2 jaar. (Voka-persbericht, 21/12/2006)

Urbain Vandeurzen, voorzitter van Voka en Philippe Muyters, gedelegeerd bestuurder van Voka: “Een lineair opgedragen indicatieve loonnorm via een IPA beantwoordt niet meer aan de noden van een modern internationaal ondernemersschap. Voor alle duidelijkheid, Voka is een voorstander om de koopkracht van de bevolking te verhogen via een netto-indexatie. Dat de overheid, in deze hypercompetitieve tijden, 5,2 miljard euro verdient aan dit IPA is onaanvaardbaar. De werknemers houden zelf 2,8 miljard euro over. Klaarblijkelijk slagen de sociale partners er ondanks alle bedrijfssluitingen niet in, om tot afspraken te komen waardoor we de toekomst van onze bedrijven en onze medewerkers veilig kunnen stellen. We zullen blijven wegzakken in alle internationale rankings omdat er overal strategische toekomstvisies en veelbelovende uitspraken worden gelanceerd, maar op echt cruciale momenten kunnen we nog altijd niet de nodige verantwoordelijkheid aan de dag leggen en engagementen nemen om op echt belangrijke momenten door de zure appel te bijten. Bovendien constateren we dat er geen enkele structurele vermindering van het overheidsbeslag te noteren valt. De vraag en de bereidheid bij ondernemingen om meer te investeren in ti² (Talent, Innovatie en Internationaal ondernemen), vraagt meer budgettaire ruimte. Net daarvoor moet het IPA ruimte creëren. Dat kan door het overheidsbeslag grondig te laten dalen. Onze bedrijven hebben nood aan maatwerk, aan flexibele oplossingen voor onze arbeidsmarkt, aan een flexibel kader om extra te belonen als het kan, en om daar even mee te wachten als het niet kan. Het is dus positief dat de ontwerptekst nu een aantal mooie verwijzingen omvat naar innovatie en nieuwe instrumenten als variabele verloning, maar deze worden allemaal vooruit geschoven naar toekomstige werkgroepen en commissies.”

1° Indicatieve loonnorm van 5%.
De norm blijft nog steeds indicatief, een overschrijding zal ook de komende jaren steevast weer gebeuren. De norm valt weliswaar lager uit dan het rapport van de CRB (5,5%), maar is nog steeds hoger dan het vorige loonakkoord. Met de 5% kan onze loonkostenhandicap ten opzichte van onze buurlanden niet hersteld worden, arbeid zal duur blijven. Buitenlandse investeerders zullen zich niet aangesproken voelen om in onze regio te investeren.

2° Nettokoopkrachtvermeerdering.
De Voka-idee van een nettokoopkrachtvermeerdering is overgenomen en dat is positief, maar weliswaar in een zéér beperkte vorm en het levert slechts 0,15% kostenbesparing op. Omdat het hier gaat over een uitstel van het doorstorten van een deel van de kosten van loonopslag naar later, lijkt het voorstel de facto louter ‘window dressing’.

3° Relatie overheidsbelag / ti²
Dat de patronale bijdragen van bijvoorbeeld het betaald educatief verlof ook worden meegeteld in de 1,9% is positief maar dit betekent vooralsnog geen enkele extra inspanning. In plaats van talentontwikkeling op ondernemingsniveau te stimuleren wordt er gekozen voor een centrale aanpak in de vorm van meer patronale bijdragen die moeten worden doorgestort aan de sectorale vormingsfondsen, dit betekent lastenverhoging.
De vraag én de bereidheid bij ondernemingen om meer te investeren in TI² (Talent, Innovatie en Internationaal ondernemen), vraagt meer budgettaire ruimte. Net daarvoor moet het IPA ruimte creëren en dit kan volgens Voka door het overheidsbeslag structureel en op lange termijn grondig te laten dalen waardoor België niet langer koploper blijft in Europa inzake totale belasting op arbeid. Niet enkel werkgevers en werknemers moeten inspanningen doen om competitief te blijven en te kunnen transformeren, ook de overheid is aan zet.

4° Outplacement
Het terugschroeven van de dubbele verplichting bij outplacement is in een aantal gevallen positief maar houdt het risico in dat de verlenging van de arbeidsduur waarop het Generatiepact was gericht, niet gehaald wordt. Het verhogen van de tewerkstelling van alle leeftijdsgroepen op de arbeidsmarkt blijft een cruciaal en noodzakelijk gegeven in het licht van de groeiende krapte op de arbeidsmarkt, Voka ziet hier te weinig garanties.

5° Geen sprake van flexibiliteit op de arbeidsmarkt.
Inzake flexibiliteit op de arbeidsmarkt is nog steeds niets bereikt: vlotter uitzendkrachten kunnen aanwerven zonder de goedkeuring van de vakorganisaties, een verstrenging van de notie passende betrekking, het terugschroeven van de lange opzegtermijnen van bedienden, meer flexibiliteit inzake arbeidsduur enz.
Het is daarentegen wel positief dat de sociale partners het voornemen hebben om een kader voor variabele beloning uit te werken maar Voka betreurt dat dit weerom wordt verschoven naar een latere datum.

6° Verhoging kost van minimumlonen voor jongeren.
De verhoging van de minimumlonen voor jongeren kan mogelijks een zware factuur worden voor de werkgevers en het risico is reëel dat dit de sectorale barema's overstijgt. Vorig jaar kende Frankrijk een nationale rel omdat de regering jongeren goedkoper en flexibeler wou maken, dit akkoord zou het omgekeerde beogen, maakt jongeren duurder en staat haaks op banenplannen die juist jongeren goedkoper moeten maken voor de werkgever.

Belasting werk vooral

Belasting werk vooral herverdelend en laat de overheid toe om bijvoorbeeld millieutoelagen te geven. Een vermiddering van de belastingsinkomsten lijkt mij dus niet wenselijk. Een verschuiving van de belasting WEG van de lage lonen naar hogere inkomens en kapitaal, dat lijkt me dan weer wel een goede maatregel. Nog beter zou een algemene globale of misschien Europese kapitaalbelasting zijn, of de tobintaks bijvoorbeeld. Vergeet niet, wij zijn de overheid.

Wij zijn de overheid

Wij zijn de overheid, schrijf je. Daar ligt precies het probleem. We denken allemaal dat we de overheid zijn als iemand anders maar de belasting betaalt. Dat maakt het ogenschijnlijk gratis voor ons, maar niet voor de andere. Komt daarbij dat de overheid niet onderworpen is aan de corrigerende werking van competitie en voor je het weet wordt het geld op een onzichtbare wijze weg gesmeten. Zachte Corruptie noem ik dat. Beter geen enkele inkomstenbelasting en enkel consumptie belasten. Dan betaalt diegene die het meeste verdient automatisch het meest.

Nieuw commentaar posten

De inhoud van dit veld is privé en zal niet publiekelijk getoond worden.
  • Toegestane HTML-tags: <a> <em> <strong> <cite> <code> <ul> <ol> <li> <dl> <dt> <dd>
  • Regels en paragrafen worden automatisch gesplitst.
Meer informatie over formaatmogelijkheden