Planbureau ziet 41 000 nieuwe jobs in 2006. Cijfergegoochel?

De 41 000 extra jobs zouden ongeveer volledig door de wedde-trekkenden ingevuld worden. Alleen zijn dat niet allemaal mensen die werken. De reden is te vinden in het detail van de cijfers die het Planbureau zelf op haar website plaatst. Volgens de tabellen zou tussen 2005 en 2006 de inactieve bevolking met RVA uitkering met 5 300 eenheden toenemen en bij de beroepsbevolking met 14 200. 14 700 meer mensen hebben een tijdelijke loopbaanonderbreking. Bij de werkloosheid zelf is de daling bijna volledig toe te schrijven aan de ouderen die niet langer werkzoekend zijn (7 700 eenheden) en derhalve uit de telling gehaald worden. Met andere worden, de term ‘werkgelegenheid’ betekent niet noodzakelerwijze ‘jobs’. Dit komt voornamelijk omdat het Planbureau een vrij artificiële optelling maakt waarbij ingeschrevenen bij de RVA en VDAB bij de tewerkgestelden gerekend worden. (‘concept FPB in de tabel’).

Indien we dan de tabellen van het Planbureau corrigeren voor deze eigenzinnigheid, dan bekomt men heel andere cijfers. Men moet er van uit gaan dat mensen die ingeschreven zijn bij de RVA of VDAB, onafgezien of ze ergens een vorm van tewerkstelling hebben aangeboden gekregen, op de normale markt niet aan bod komen. Het Planbureau telt trouwens zelf mensen met RVA-uitkering ook bij de inactieven (bv. de brugpepensioeneerden). Corrigeren we de cijfers hiervoor, dan zal de werkgelegenheid slechts met 26 900 eenheden toenemen bij een werkelijke werkloosheid van 1 080 000 eenheden of 21.6% van de beroepsbevolking.

De vraag blijft daarenboven waaruit die bijkomende tewerkstelling bestaat. Vermits de industrie op een historisch laagtepunt beland is, kan dit enkel in de dienstensector zijn. Het is onwaarschijnlijk dat die bijkomende diensten in de private sector zitten omdat de industrie zelf aan primaire tewerkstelling verliest, ook al is dit tendele door outsourcing en delokalisatie. De meeste van deze nieuwe jobs zitten hoogst waarschijnlijk in gesubsidieerde diensten en de vraag rijst daarbij wat de werkelijke economische waarde is van dergelijke jobs. Nemen we als voorbeeld de dienstencheques. Die zouden vorig jaar 25 000 jobs opgeleverd hebben. 75 % van de kost of 240 miljoen voor 2005 wordt evenwel door de belastingsbetaler betaald. M.a.w. door de hardwerkende burger. De marktprijs van de aangeboden diensten bedraagt evenwel maar 25 %. Wat de dienstencheques vooral bewijzen is dat er aan de volle prijs geen markt bestaat voor die diensten. De reden hiervoor is de hoge belastingsdruk op inkomen en arbeid, een van de hoogste in de hele wereld. In plaats van hieraan ingrijpend iets te veranderen schept men een rantsoen-bonnetjes systeem met bijkomende administratie die uiteindelijk de belastingen eerder verhoogt dan verlaagt. Het experiment van de dienstencheques die de loonbelasting kunstmatig maar drastisch verlaagt voor de afnemer bewijst dat een drastische belastingsverlaging zal werken. Natuurlijk, dan moet ook de overheidssector die de helft van onze economie inpikt gaan inbinden en zich terug op haar essentiële taken concentreren. Om daar te geraken, moeten de beleidsmakers vooreerst over juiste cijfers en analyses beschikken.

De gecorrigeerde tabellen van het Planbureau geven dan ook een heel ander beeld voor de evolutie op 10 jaar tijd (1999-2006). Er zijn inderdaad 163 200 jobs bijgekomen, maar minder dan de aanwas van de beroepsbevolking die met 400 000 eenheden gestegen is. De werkloosheid is evenwel niet van 670 600 eenheden naar 704 800 eenheden gestegen maar van 846 900 naar 1 079 900 eenheden. Dit betekent dat de werkloosheid niet 14,1% maar 21,6 % bedraagt, wat in schril contrast met het cijfer van 8,3 % “geharmoniseerde werkloosheid” die het Planbureau hanteert. Als men daar de inactieven bij telt die ook van een RVA uitkering genieten (zoals de al dan niet vrijwillige bruggepensioeneerden) dan komt men zelfs op 24.4 %.

Kortom : er is omzeggens geen echte bijkomende werkgelegenheid gecreëerd. De cijfers van het Planbureau verbergen de realiteit. Daarom is het dan ook meer dan ooit noodzakelijk, dat er eindelijk eens lange termijn structurele maatregelen worden getroffen, waarvoor onze WorkForAll denktank reeds bij herhaling heeft gepleit. Het is de hoogste tijd.

Eric Verhulst, voorzitter
www.WorkForAll.org

Bron: http://www.plan.be/nl/news/presse/20060224/press.htm

[img align=left]http://www.workforall.org/assets/CijfersTewerkstellingPB06.png[/img]