De economisch-fiscale politiek van Paars, een evaluatie

We keren terug in de tijd: 1999, Verhofstadt, toen nog keizer van centrum-rechts Vlaanderen en vader van het Burger Manifest (“Baby Thatcher”), vormt een Paars kabinet. De burger die hoopte op een vrijere economie, minder overheid, lagere belastingen en een gedecentraliseerd bestuur voelde zich bekocht. Het werd al snel duidelijk dat de steun van de rood-groene coalitiepartner betaald werd met wetten en regeltjes die het toch al complexe en opgezwollen Belgische systeem alleen maar erger maakten. We zijn nu 2006, met nog een jaar voor de volgende federale verkiezingen. Tijd om een korte balans op te maken van de (wan)prestaties van Paars.

Begrotingsbeleid: opsmuk troef zonder structurele bijsturing

Ondanks verschillende aanmaningen van de Europese Commissie om structurele maatregelen te nemen, de begroting in evenwicht te houden en een overschot te verkrijgen, werd dit vooral een illustratie van perfecte Enronitis. Boekhoudkundige opsmuk heet dan in het jargon. Boeken wat men niet heeft en de schuld naar de volgende generatie doorsluizen. Zo heeft de overheid in allerijl het laatste gat gedicht door een groot deel van haar overheidspatrimonium te verkopen (“opbrengst” zo’n 600 miljoen euro) aan een door haar gecontroleerde bevak en dan de noodzakelijke gebouwen terug te huren, niet alleen kostelijk, maar ook bedrieglijk. De primaire ruimtes die aanvankelijk werden opgespaard, zijn grotendeels opgesoupeerd aan maatregelen om de burger hier en daar te paaien. De andere operaties waarbij pensioenfondsen overgenomen worden, zelfs lege, en er lucht in het Zilverfonds geblazen werd, zijn bekend. Men heeft ondertussen ook al het nucleaire energie fonds in het vizier gekregen. Het heet niet zo, maar stuk voor stuk zijn het voorbeelden van aanslagen op reeds betaalde bijdragen die omgezet worden in een schuld van de volgende generaties. Weinig solidair en immoreel tegenover onze kinderen. De facto heeft men alleen de private en productieve sector van de economie nog maar eens overvallen met een verdoken belasting. Strafrechterlijk heet zoiets “oplichting”.

Kortstondige operaties en consumptie beleid

Niettegenstaande het water aan de kin staat, is het budgettair beleid van Paars II geen voorbeeld van vernieuwing. De economische logica ontbreekt totaal. Zo probeert ze - zeer mooi gezegd -"de koopkracht van de burger te verhogen", om in principe de hoge en instabiele grondstofprijzen te counteren, en aldus de consumptie en vraag draaiende te houden. M.a.w. de overheid voert een korte termijn economisch beleid, van de Keynesiaanse verbruiksstimulerende middeltjes gebruik makend. Op langere termijn worden zo de beschikbare middelen opgeconsumeerd, de budgettaire ruimte verspeeld aan pseudo-gratis verkiezingsstunts en blijft er minder en minder ruimte voor structurele maatregelen en investeringen. De Verbrande Brug is niet toevallig door haar kabels gezakt. Die investeringen vandaag zijn nodig om morgen nog competitief te blijven in Europa en de globaliserende wereld. Paars is de regering van de micro-maatregeltjes en potverteren de regel.

Competitief belastingstelsel?

Ja, de belasting op arbeid is lichtjes gedaald. Althans zo lijkt het. In werkelijkheid is de belasting verschoven en is het besteedbaar inkomen gedaald. Het resultaat is 1.2 miljoen RVA steuntrekkers, een kwart van de beroepsbevolking ook al is het officiële werkloosheid maar een derde ervan. Enronitis ? De vennootschapsbelasting werd nominaal teruggebracht van 40.17% naar 33.99% , maar in reële cijfers en via extra regeltjes is de werkelijke druk op ondernemen ten opzichte van 1994 hetzelfde gebleven. De notionele intrestaftrek was een goede maatregel, maar onvoldoende en zeker niet de meest efficiënte maatregel. Sparen, al onder druk door de hogere inflatie en lage rente werd verder afgestraft. Deze belasting werd ingevoerd sinds het Generatiepact dat als doel had om de vergrijzing op te vangen, terwijl sparen juist het middel bij uitstek is om dat laatste te doen. De federale regering heeft aangekondigd de indirecte belasting op de toegevoegde waarde te verhogen, maar dat zonder bijkomende verlagingen op de directe belastingen, waardoor het gewenste effect helemaal verloren gaat. Het probleem van de werkloosheid is ook niet op te lossen door de werkloosheidsuitkering te verlagen, maar door werken te belonen, zeker voor gezinnen. De lasten op arbeid zouden drastisch moeten worden verlaagd, en dat zal werklozen wel verhinderen om in een ‘werkloosheidsval’ verzeild te geraken. De uitkeringen zijn niet te hoog, maar de nettolonen te laag.

Bureaucratische rompslomp en chaos

Zoals o.a. de Warande groep, eerst verguisd en dan stilzwijgend geluk gewenst, aangegeven heeft is de huidige unitair-federale structuur ook een hinderpaal voor verdere economische vooruitgang. De diverse overheden in ons land voeren diverse, kostelijke, rechtzaken tegen elkaar, gewoon vanwege bevoegdheidsonduidelijkheden en –geschillen. Dit laatst verwondert niemand nog. De staatsstructuur is dermate ingewikkeld geworden, vol met compromissen en loodgieterij dat bijna niemand nog de kwisvraag over hoeveel regeringen we nu hebben nog correct kan beantwoorden. Het is de evidentie zoals Unizo, Voka en de Oeso pleitten, om dit zootje niet langer voor de schone schijn te behouden maar te regionaliseren. Wie de werkelijkheid blijft negeren komt vroeg of laat van een zeer kale reis terug. De administratie vereenvoudigen op federaal niveau is dweilen met de kraan open. Decentralisatie, deregulering en minder ambtenaren zijn de echt noodzakelijke administratieve vereenvoudigingen. Hoeveel landen hebben er een ambtenaar per tien inwoners ? Hoeveel landen maken 80000 pagina’s wetten per jaar ?

Een nieuwe politiek

Om aan alle uitdagingen een uitweg te bieden zullen stevige ingrepen nodig zijn. Het zal soms zwaar vallen, maar deze ingrepen zijn noodzakelijk en dringend, om onze economische vooruitgang en sociale stabiliteit te blijven garanderen. Om de vergrijzing te beantwoorden hebben we economische groei nodig. Wat is er zoal vereist?

1. Een afgeslankte, gezonde overheid.

Structurele maatregelen om de begroting in evenwicht te houden. Ophouden met steeds meer belastingen te heffen op de rug van de krimpende productieve en werkende burgers. Als men er niet in slaagt het overtollige gewicht af te slanken, zou men kunnen aanvangen met een bevriezing in absolute termen. Overmatige overheidsbestedingen en hoge belastingdruk gaan vaak hand in hand. Het Ierse model leert ons dat men, indien men minder uitgeeft in nominale termen en de focus legt op groei, men in reële termen veel meer aan sociale maar gerichte voorzieningen kan uitgeven.

2. Een aanbodgericht economisch beleid.

Dit houdt in dat men investeren en werken niet langer bestraft. De vennootschapsbelasting naar het EU 25 gemiddelde (26.8%) brengen en zelfs nog lager. Een eenvoudige vlaktaks met vrijstelling zou ook zeer heilzaam werken en eerlijker zijn. Ook een verschuiving van directe naar indirecte belastingen is aangeraden indien men tegelijkertijd wel de totale belastingsdruk verlaagt, wat men op dit ogenblik nalaat te doen omdat men de overheidssector met haar aanhangels niet durft te saneren.

3. Stop het consumptie gericht beleid.

De Keynesiaanse federale maatregelen om de koopkracht te verhogen loopt mank. Als men kunstmatig de vraag gaat stimuleren, verhoogt het prijsniveau en de inflatie ook al is die in toom gehouden geweest door de sterke invoer uit lage loon landen. Vroeg of laat leidt dit tot hogere intrestvoeten, wat leidt tot minder investeringen en bijgevolg tot minder jobs, en dan is de koopkracht helemaal ondergraven. Als men de consumptie aanzwengelt, dan stijgt de prospectieve geldvraag, waardoor het geldaanbod moet herzien worden, via een intrestverhoging, wat leidt tot minder investeringen, en bijgevolg tot een lagere reële output, of zoals ECB- voorzitter Trichet nog niet zo lang geleden zei: "There are increases in the input, that do not result in increases in the output, like consuming goods and service goods." Consumptie heeft een lage multiplicator factor in tegenstelling tot investeringen. Wat we vandaag op aanzet van de overheid geconsumeerd hebben, zullen we morgen ontberen om te investeren.

4. Herziening van de Sociale Zekerheid.

Er moeten afgestapt worden van het hedendaagse scheef gegroeide welvaartsmodel. Bv. zou het mogelijk moeten worden om grote delen van de sociale zekerheid te privatiseren, en voor een eigen rekening te beheren, of met andere woorden, een kapitalisatiestelsel uitbouwen zou een beter alternatief zijn. Sociale Zekerheid waarbij men verhindert wordt van zijn eigen verantwoordelijkheid te nemen is geen sociale zekerheid maar een sociale gevangenis. Laat ons hopen op een volgende regering die werk maakt van een echte liberalisering van de economie, de regio’s en van de burger. Zelfgenoegzaamheid en arrogantie zijn slechte raadgevers als de men op de Titanic zit.

Tom Potoms, medewerker www.WorkForAll.org

Poster un nouveau commentaire

Le contenu de ce champ est gardé secret et ne sera pas montré publiquement.
  • Balises HTML autorisées: <a> <em> <strong> <cite> <code> <ul> <ol> <li> <dl> <dt> <dd>
  • Les lignes et les paragraphes vont à la ligne automatiquement.
Plus d'informations sur les options de formatage