Met de e-mobiel op de stroom vooruit
Crisis als opportuniteit voor Vlaanderen
Een economische crisis van de huidige omvang wordt vandaag nog teveel gezien als een catastrophe, het einde van een economische droom. Het is evenwel veel beter de huidige crisis te zien als een wake-up call. De crisis is al een tijdje in wording en wat we meegemaakt hebben is de onvermijdelijke correctie. Eerder dan de droom nog wat te rekken, kunnen we beter opstaan en vooruit kijken. De crisis te lijf gaan betekent opnieuw waarde creatie, geen consumptie, voorop te stellen.
De auto is dood. Leve de auto.
Waar zal in de toekomst de waarde gecreeerd worden? Dat zal niet veel anders zijn dan vroeger. De waarde heeft bv. nooit in auto´s gezeten maar in de mobiliteit die de autos mogelijk maakten. De auto zoals we die kennen is echter duidelijk over zijn hoogtepunt heen. De mobiliteit die hij moet verzorgen is er niet meer: De redenen hiervoor zijn enerzijds een overconsumptie, maar ook dat de auto´s en de gecentraliseerde wegeninfrastructuur zich niet aangepast hebben aan het toegenomen gebruik ervan. Men moet zich dus ernstig bezinnen of men zomaar de bestaande (over-)productie in stand wil houden. Wat wel moet gebeuren is de rol van de auto en van de alternatieven herzien in het geheel van de mobiliteitsproblematiek. Een reden van de overconsumptie aan wagens is dat het openbaar vervoer geen echt alternatief biedt. Zelfs als het voor 80% gesubsidieerd wordt is het maar een alternatief in specifieke gevallen omdat het de basisvereiste van mobiliteit niet oplost, nl. een mobiliteit die een deur-tot-deur mobiliteit op een comfortabele manier invult. En dat houdt in dat alle vervoer modi naadloos moeten aansluiten. Dat zal niet opgelost worden door meer bestaande autos, meer bussen, trams of treinen te produceren. De enige manier om deze basismobiliteitsbehoefte in te vullen, is deze stilaan oude technologien op te geven en te vervangen door een nieuw, generiek mobiliteitsplatform dat zich naar gelang de gebruiksomstandigheden gedraagt als een auto, een bus of een trein. Dit is ook het moment om dit mobiliteitsplatform milieu-vriendelijk volledig electrisch te laten rijden en op een foutbestendige architectuur te baseren die semi- of volautomatisch de passagier of cargo naar zijn bestemming brengt. Dit mobiliteitsplatform hoeft geen geïmporteerd assembelage product te zijn. De know-how is in Vlaanderen aanwezig.
Een toekomstscenario
Om een beeld te schetsen, laat ons even inbeelden dat we in het jaar 2025 zijn en bovenstaand scenario gerealiseerd werd. Wat betekent dit concreet? Jan staat´s morgens op in zijn passief energie huis. Zijn energie factuur bedraagt 5% van hetgeen zijn ouders verbruikten. De meeste energie dient voor het koken, wassen en voor de noodzakelijke luchtventilatie. Wanneer de zon schijnt leveren thermisch en foto-voltaïsche zonnepanelen warm water en electricieit waarvan een deel opgeslagen wordt in op nanotechnologie gebaseerde lucht-koolstof batterijen. Enkel wanneer het zeer koud is gedurende meerdere dagen, wordt electriciteit via het net aangeleverd. In de garage staat zijn modulaire e-mobiel. Er is een twee-wielige bestuurdersmodule voor 2 personen die naargelang de behoeften aan andere tweewielige modules kan gekoppeld worden. Zo beschikt hij over een 3 persoons passagiers module en twee vrachtmodules. Elke module wordt aangedreven door e-motors op elk wiel en dank zij gyroscopische sensors blijft die steeds `rechtop´. De electronica en de batterijen zijn in de vloer ingebouwd. De topsnelheid is 300 km per uur en de actieradius bedraagt 1500 km wanneer hij in treinmode met andere e-mobieles over de nu gebetonneerde spoorwegbeddingen rijdt. De aankoppeling gebeurt volautomatisch en op dit traject neemt de autodrive over. Hij kan rustig zijn krant lezen. Deze verplaatsingen zijn niet zo frequent. Meestal werkt hij van thuis uit in zijn holografisch virtueel office. Veel van de oude kantoorgebouwen in Brussel zijn dan ook verdwenen en hebben plaats gemaakt voor grote parken. De stad is weer leefbaar geworden. De files zijn ook een pijnlijke herinnering.
De toekomst wordt vandaag gemaakt
Wie denk dat dit allemaal Jules Verne verhalen zijn, heeft het verkeerd voor. Het merendeel van de technologiën bestaat al in prototype vorm. De industriële interesse is er ook. Zo kocht Daimler recentelijk 10% van de aandelen van Tesla Motors, een amerikaanse fabrikant van electrische voertuigen. Een van de modellen haalt meer dan 200 km/uur, trekt sneller op dan de snelste Porsche en heeft op batterij een actieradius van 450 km. Een kleine Wankelmotor van maar 800 cc laadt desnoods de batterij bij wat dan een gemiddel verbruik oplevert van minder dan 3 liter. Het zwakkere punt is nog steeds de batterij, ook van het ecologische standpunt. Maar ook daar is beterschap op komst. Op de St Andrews University in de UK werd een nieuw type batterij ontwikkeld die geen Lithium meer bevat maar poreuse koolstof. Eerste resultaten duiden op een 10 maal hogere capaciteit. Een twee persoonswagentje op twee wielen rijdt ook al. De controle algoritmes hiervoor zijn al decennia een klassieke oefening voor studenten. Wat het verschil maakt is dat de nodige gyroscoop nu niet langer mechanisch is maar geleverd wordt door een goedkope chip. Wat minder evident lijkt is het automatische blokrijden. Maar dit is meer een kwestie van het beschikbaar hebben van een aangepaste wegeninfrastructuur dan van een gebrek aan technologie. Bussen rijden nu al zonder chauffeur op vooraf vastgelegde trajecten. Men kan zich afvragen waarom men hiervoor de spoorlijnen zou gaan betoneren? Vooreerst zijn de spoorbeddingen met hun geringe hellingen en grote bochten ideaal. Vandaag nemen deze spoorbeddingen veel plaats en is de bezetting ervan gering omdat er vooreerst niet genoeg treinen rijden maar ook omdat treinen ver genoeg van elkaar moeten rijden. Er is ook het energetische standpunt. Electrische treinen verbruiken centraal opgewekte energie en veel ervan gaat verloren tussen de centrale en de lokomotief. Een passagierstreinwagon weegt ook meer dan 2 ton per vervoerde passagier. Wat energetisch betekent dat dit vervoer evenveel verbruikt als een zware 4x4 SUV.
Het concept van de modulaire e-mobiel is ook toepasbaar op vracht- en passagiersvervoer. Het voordeel is dat een e-mobiel niet gebonden is aan een bedding en vanuit elk punt naar elke punt kan rijden. Het punt is dat men de vervoerfunctionaliteit niet mag verwarren met de bestaande oplossingen. HST en vliegtuig zullen op langere afstand nog steeds valabele vervoersmodi vormen. De nieuwe e-mobiel is de nieuwe trein van morgen.
Plan-economie of de economie van morgen in Vlaanderen?
Een belangrijke vraag die moet gesteld worden, is of het zinvol is dat de overheden financieel moeten tussenkomen om de private sector overeind te houden. Het antwoord is duidelijk neen en er zijn betere alternatieven. De ovehreid moet enkel een gunstig kader scheppen. Er is al aan miljarden belastingsgeld opgebruikt en geld gecreerd om de financiële sector uit het slop te halen. De problemen worden daardoor evenwel niet opgelost maar afgeschoven naar de nog productieve burgers. De vraag is daarbij niet of de overheid de bedrijven helpt, maar de vraag is of dit de beste manier is. Indien men de belasting op arbeid zou afschaffen en bij de overheid ook de tering naar de nering zou zetten, dan zou het effect veel positiever zijn. Men vergeet dat de overheid via haar gulle hand ook veel middelen onttrekt aan de economie waardoor toekomst gerichte investeringen achterwege blijven. In het tweede geval maakt men een veelvoud ervan beschikbaar.
GM lijkt nu stilaan op de klippen te lopen en de vraag rijst wat er gaat gebeuren met de europese Opel dochters. Moet de Vlaamse regering 250 miljoen euro uitgeven om de productie hallen op de kopen en terug te leasen, als er een groot risico bestaat dat binnen afzienbare tijd de productie er helemaal zal stil vallen? Alhoewel we gelukkig dit niveau nog niet bereikt hebben, men moet toch oppassen dat men niet de problemen van een planeconomie binnen haalt. De gevolgen hiervan zijn nog dagelijks te zien in het voormalige Sovjet-blok, van waaruit deze tekst geschreven werd. Het zal natuurlijk pijnlijk zijn op korte termijn, maar om op lange termijn de know-how te behouden en geen blijvende werkloosheid te creeren is anticiperen op de toekomst de beste optie. Elk land heeft nu de kans terug de kaarten te herschudden. Blijven we een assemblageland van auto's die over hun technologisch einde zijn of worden we een exporteur van nieuwe e-mobiel technologie?
Eric Verhulst,
Voorzitter www.WorkForAll.org, een socio/economische onafhankelijke denktank
| Attachment | Size |
|---|---|
| mobility and energy 2000plus.pdf | 283.29 KB |
