België zal niet verdampen, het zal bezwijken

| | |

Bart De Wever denkt dat België niet zal gesplitst worden, het zal verdampen zegt hij. Dat wekt de indruk dat wat er achterblijft een vluchtje ijle lucht is geworden. Twee minuten later is het weg alsof het nooit bestaan heeft. Het is natuurlijk maar een metafoor, in werkelijkheid zal het eerder lijken op een overjaarse dinosaurus die onder zijn eigen gewicht bezweken is. En het boeltje opruimen zal een lastige karwei worden. Het landje heeft zijn naoorlogse glorie gehad, maar daar is het dan ook bij gebleven.

Overgewicht

België slaat ongeveer alle records. Hoogste productiviteit maar hoogste belastingsdruk en hoogste loonkosten. Tax Freedom Day is ergens in oktober. De Belg werkt dus wel hard, zo hard zelfs dat metaalmoeheid aan de orde van de dag is. Dit land heeft een van de meest ingewikkelde staatstructuren ter wereld met een record aantal ambtenaren en politici in verschillende regeringen, parlementen, raden en commissies per inwoner. Zelfs de slimmere Belg geraakt er het noorden bij kwijt. Het jaarlijks terugkerend begrotingstekort wordt met een record aantal boekhoudtrucs onder de mat geveegd. De impliciete schuld bedraagt bij de geboorte van een nieuwe Belg ongeveer 150000 euro. Dat zullen de vele immigranten wel niet weten als ze naar het welvaartsparadijs afzakken. Stilaan worden we dan ook het land met het grootste aantal inwoners dat van een vervangingsinkomen leeft. Dit belet niet dat er ook een tekort aan niet ingevulde vacatures is. Maar dat heeft dan weer alles te maken met de belasting op arbeid.

Een beetje historiek

Het land is ook opgedeeld in verschillende regio's. Dat was het al van in het begin, maar de macht lag in het Franstalige kamp en dus had de Vlaamse meerderheid niets in de pap te brokken. Een kleine Duitstalige minderheid werd er zelfs bij ingelijfd na de moeder van alle oorlogen in 1918, maar die had dus ook weinig te zeggen. Na de tweede oorlog draaide het tij en werd nadat de steenkoolmijnen leeg geraakten, de staalindustrie industrieel erfgoed. Het Vlaamse kamp kreeg de overhand en rukte zich geleidelijk aan los. Deze Vlaamse regio zegt dat ze het vandaag beter doet en daar zijn aanwijzigingen voor. Maar ook Vlaanderen zou nog veel beter kunnen. De wegen liggen er meer en meer beroerd bij en recentelijk werden 45 bruggen geteld die dringend vervangen of hersteld moeten worden. Misschien heeft dit iets te maken met het feit dat dit land ook stilaan records slaat op het gebied van de jeugdigheid van zijn ministers. Hoewel dit geen probleem zou moeten zijn, is het wel problematisch dat ministers van begroting verklaren niet te kunnen rekenen. Andere ministers dan weer met een verantwoordelijkheid op gebied van onderwijs en arbeid, denken dat het volstaat om geld te verbranden om het terug wit te wassen.

Nieuwspraak in opmars

Dit landje slaat ook andere records. De beste chocolade, friet en bier ter wereld. De minst democratische van alle democratieën door kiesdrempels, schuttingkringen en kieslijst-manipulaties. Een record in nieuwspraak. "Privileges" wordt vertaald als "bescherming van minderheden". Emotioneel woordgebruik heet discriminatie. Objectieve analyses heten gebrek aan respect en antisociaal gedrag. Gelijkheid van kansen betekent dat de ene categorie vier keer meer pensioen krijgt dan een andere, niet ontslagen kan worden terwijl de andere hebben en houden mag verkopen om toch maar een overlevingsaalmoes te mogen krijgen. Gelijke kansen betekent ook dat wie een sociale woning mag huren tien keer minder huur moet betalen dan wie er zelf voor gewerkt heeft. Thuis blijven om gesubsidieerd niet te moeten werken en geforceerd brugpensioen heet niet werkloosheid maar met behulp van RVA-steun uw werktijd aanpassen.

Perpetuum mobile

Dit land heeft dus van alles teveel en van alles te weinig. Het heeft vooral te weinig cohesie, te weinig daadkracht en te weinig democratie. Het heeft gelukkig nog wat hardwerkende burgers maar ook die voorraad raakt door de vergrijzing stilaan uitgeput, de record-immigratie ten spijt. De Belgische politieke klasse en haar aanhangsels van belangengroepen dachten het perpetuum mobile uitgevonden te hebben door steeds meer belastingen te heffen en wie niet mee kon ofwel een RVA-uitkering te geven of een overheidsjob, al dan niet gesubsidieerd thuis te laten of met een checkske de herenhuizen te laten kuisen. De motor (dit is de hardwerkende belastingbetaler), die dat alles moet opbrengen werd echter zo zwaar belast, dat hij gewoon bezwijkt. Net zoals in Formule 1, een paar seconden teveel en de motor loopt vast. Afkoelen helpt niet meer. Er is een nieuwe motor en een nieuw chassis nodig wil men de wedstrijd verder kunnen zetten.

Over cijfers

De cijfers zijn dus niet meer wat ze ooit geweest waren. Het hoeft ons dan ook niet te verwonderen dat niemand echt weet waar al dat lieve belastinggeld echt naar toe gaat. Zelfs putten worden pas na drie jaar ontdekt en dan noemt men het een verkeerde boeking. Qua boekhoudsysteem is dit land wellicht de grootste voetbalclub ter wereld. Men telt enkel de recettes na de match.
Cijfers zijn verduldig. Statistieken en opiniepeilingen zijn leugens, ten minste als men niet nakijkt waar de cijfers en hun benamingen voor staan. Goed gelezen en verzameld zijn cijfers evenwel symptomen die een ziekte blootleggen. Goede cijfers zijn ook een wapen tegen leugens en nieuwspraak.

1,2 miljoen RVA-trekkers en meer

A-Trekkers

Bevolking per gewest

RVA Vergoede werklozen

Werknemers met steun RVA

Werknemers die met RVA steun hun werktijd aanpassen

Brugpensioen (Jan 2006)

RVA Totaal

Vlaams gewest

6,117,440

58%

334604

46%

147873

20%

147807

20%

73,039

630284

52.4%

Waals Gewest + Duitst.G.

3,435,879

32%

298462

41%

99233

14%

53995

7%

30,547

451690

37.5%

Brussel

1,031,215

10%

93597

13%

17765

2%

9981

1%

4,266

121343

10.1%

TOTAAL RIJK

10,584,534

100.0%

726663

60.4%

264871

22.0%

211783

17.6%

107,852

1203317

100.0%

Beroeps-bevolking

14.4%

5.3%

4.2%

5029300

23.9%

Brugpensioen

111000

2.2%

Vrijgesteld

29400

0.6%

Totaal Inactief (RVA + brugpensioen + vrijgesteld)

1343717

26.0%

Overheidstewerkstelling (vaste benoemingen 2005)

Vlaams gewest

363000

46.4%

5.9%

Waals Gewest + Duitst.G.

247000

31.5%

7.2%

Brussel

173000

22.1%

16.8%

TOTAAL RIJK

783000

100.0%

7.4%

TOTAAL Non-profit

2126717

41.1%

Tabel 1. Inwoners, RVA-trekkers, bruggepensioeneerden en ambtenaren per gewest.

Onlangs verscheen een zegebericht in de kranten over het feit dat de werkloosheid in Vlaanderen niet meer lager kon geraken. Dat is niet de eerste keer. De nu uitlopende Paarse regering zou ook 200000 jobs geschapen hebben en Vlaanderen zou nu een frictie werkloosheid bereiken van 5 %. M.a.w. de werkloosheid zou nu minimaal zijn in Vlaanderen, getuige de massa niet ingevulde vacatures, het merendeel zelfs voor laaggeschoolden. Hoe dan te verklaren dat de uitgaven van de RVA elk jaar gestegen zijn en nu een record bedrag van 9 miljard of ongeveer 6 % van de begroting vergen? Hoe dan te verklaren dat er zo'n 1,2 miljoen Belgen van een RVA uitkering leven? We hebben de cijfers van de RVA even doorgenomen. Er zijn nog steeds zo'n 727000 vergoede werklozen, 265000 "werknemers" die met een RVA-uitkering aan het werk zijn, 21200 loopbaanonderbrekers en 110000 bruggepensioneerden op een beroepsbevolking van 5,1 miljoen. Ter informatie, in de jaren '70 ging de discussie over de frictie- werkloosheid over percentages die tussen 1 en 1,5 % lagen en had men het over een 100000 werklozen. Dat was echte frictiewerkloosheid. Nu gaat gaat het over 26 % van de beroespbevolking die niet echt aan het werk zijn. Er is ook nog een groeiend deel tewerk- gesteld bij de overheid. Zo'n 783 000 maar een deel ( 250000) van de reguliere werknemers werkt daar ook, maar dan niet vast benoemd. Als we nu even aannemen dat de toegevoegde waarde van de ambtenaren beperkt is (wat geen onredelijke veronderstelling is want zij worden aangevuld door een schare werknemers in de private sector wiens werk er vooral in bestaat aan de overheidsverplichtingen te voldoen, maar dat werk zullen we nu even pro memore wel beschouwen als toegevoegde waarde creërend), dan komen we op zo'n 2,1 miljoen mensen van de beroepsbevolking die niet echt bijdragen tot welvaartscreatie, tenzij dan als gesubsidieerde consumenten. Dit is circa 41% van de beroepsbevolking. M.a.w. al onze welvaart wordt voor 10,5 miljoen mensen gecreëerd door maar een 3 miljoen burgers. Hoeft het dan te verwonderen dat Tax Freedom day ergens in October ligt en dat de motor oververhit geraakt?

De regionale verdeling

Figuur 1. Regionale verdeling banengroei sinds 1970. Bron: Planbureau & De Standaard.

Vlaanderen doet het ook beter. Het zou jaarlijks voor een 5 à 10 miljard transfereren naar Wallonië en Brussel. Deze stelling klopt in die zin dat er in Wallonië meer mensen van een uitkering of van een overheidsjob leven. Dat is een gevolg van het feit dat de Sociale Zekerheid nog grotendeels een federale en persoongebonden materie is. De werkloosheid is een stuk hoger in Wallonië en als we sommige politici mogen geloven dan zou Vlaanderen op slag zeer welvarend worden indien die transfers zouden stoppen. Is dit zo? Het Federaal Planbureau heeft de banengroei sinds 1970 in kaart gebracht. Banengroei kan gezien worden als een goede indicator van economisch dynamisme. En inderdaad, in het algemeen is de banengroei hoger in Vlaanderen dan in Wallonië. Vooral in Maaseik, maar dat heeft veel te maken met de ligging, dicht bij de groeipolen van Eindhoven en Aachen. De rest van Vlaanderen doet het even goed als de helft van Wallonië. Wallonië heeft wel twee zwarte vlekken: de grootsteden Charleroi en Liège. Ook in Vlaanderen doen Brussel, Antwerpen en Oostende het minder goed. Heel de provincie Henegouwen zit in de miserie, zodanig dat het zelfs als een van de meest achterhinkende regio's van Europa beschouwd wordt. Nochtans, het ligt ook gunstig bij de groeipolen van Valenciennes en Rijsel. De rest van Wallonië doet het behoorlijk goed. 

Hoe zit het dan met de cijfers van de RVA en overheidstewerkstelling? Hiervoor hebben als norm het bevolkingsaantal per gewest genomen. Daaruit blijkt dat terwijl Vlaanderen een lagere officiële werkloosheid heeft, het terug veel terrein moet prijsgeven als men de loopbaan onderbrekers en bruggepensioneerden in rekening brengt. Het verschil is dan niet meer zo groot met Wallonië maar dat verliest dan weer terrein doordat nog meer mensen er bij de overheid werken dan in Vlaanderen. Hetzelfde geldt trouwens voor Brussel. Maar zo groot is het verschil niet als men soms naar voren schuift op basis van de werkloosheidscijfers. Het probleem van Wallonië is er een van de grootsteden en vooral van de oude industriële bekkens waar vakbonden en de linkse partijen de lakens uitdelen. Het linkse collectivisme met zijn overheidsinterventie heeft zich via het federale apparaat aan heel het land opgedrongen en het is wellicht geen toeval dat ook in Vlaanderen de zwakste groei opgetekend wordt in meer linkse kieskringen. De vraag is natuurlijk wel wat oorzaak en gevolg is. De grootsteden zijn ook haarden van armoede, ten dele gevoed door immigratie, en de vraag is of er een verband bestaat tussen het clientilisme en het kiesgedrag van de armere lagen van de bevolking.

Het moge echter duidelijk zijn dat een toekomstig beleid veel kan leren uit deze observaties. Er is het structurele probleem van de grootsteden en zijn immigratie. Er is daar duidelijk iets misgelopen. Er is de correlatie met de linkse kieskringen en er is het feit dat Vlaanderen het maar even goed doet als die helft van Wallonië, waar de linkse politiek minder vaste voet aan grond gekregen heeft. Er is natuurlijk nog een ander fenomeen dat een rol speelt en dat is de bevolking zelf. In het gemiddelde is de bevolking in Vlaanderen ouder wat waarschijnlijk de hogere graad van loopbaanonderbreking en brugpensioen verklaart, terwijl in Wallonië de grote bedrijfssaneringen al vroeger achter de rug lagen. Er blijft evenwel een kloof van zo'n 5% als men relatief tot de bevolking rekent en die kloof is waarschijnlijk grotendeels te wijten aan de grootsteden Liège en Charleroi met daarbij Le Hainaut.
Waarom heeft het federale beleid van de laatste decennia ternauwernood een beleid gevoerd om hier effectief aan te werken? Of heeft het gefaald niettegenstaande er massa's steun naar die gebieden gevloeid is zowel vanuit de Europese als de federale pot? Wie aan ontwikkelingshulp doet kan beter de arme leren vissen dan hem de zoveelste dode vis te eten geven. Het beleid heeft gefaald omdat het een verkeerd beleid was.

Een hybride staatshervorming en een falende democratie

De reden dat het noodzakelijke beleid achterwege gebleven is, is een combinatie van enerzijds een hybride staatshervoming in de jaren 80 en het voortzetten van een catastrofaal links geïnspireerd collectivistisch beleid na de olierecessie van einde jaren 70. Dat beleid werd in stand gehouden door de blokkerende Waalse minderheid na de staatshervorming en was zo halsstarrig dat zelfs de traditionele liberale partijen naar links zijn opgeschoven. Het einde van België dat nu ter discussie staat, was een voorspelbaar gegeven op basis van de structureel democratische miskleun die de hybride staatsstructuur opgeleverd heeft. Compromissen op zijn Belgisch mogen misschien wel een voorbeeld zijn voor het vreedzaam oplossen van conflicten, net als zachte heelmeesters leveren ze stinkende wonden op. De prijs die betaald werd, was het opgeven van de democratie. Een zetel in het parlement vergt zo'n 20% minder stemmen voor een Waalse verkozene dan voor een Vlaamse verkozene, blokkeringsrgegels buiten beschouwing gelaten. De Waalse minderheid kreeg aldus priviléges ten koste van de Vlaamse meerderheid en van vele andere kleine minderheden. De federale overheid behield de innings- en herverdelingsrechten van de belasting maar was niet langer rechtsreeks en democratisch verkozen, het zoveelste compromis in het delen van de macht. Dit heeft de noodzakelijke corrigerende werking van een echte democratische oppositie grotendeels teniet gedaan.

Dergelijke oppositie klinkt altijd het luidst vanuit een sterk gepolariseerde hoek. Ook al plaatste deze oppositie de problemen op tafel, haar polarisatie was voldoende om haar in een hoek te duwen. De problemen werden genegeerd en ook binnen de machtsdelende partijen was het nieuwe ordewoord het politiek correcte denken. Om de machtspositie te verstevigen werden ook kiesdrempels ingesteld en werden stelselmatig de kieswetten aangepast. Het parlement en de senaat kwamen vol te zitten met mensen die ergens wel stemmen gehaald hadden, maar niet noodzakelijk de meeste. En vooral, we zagen de intrede van ministers en staatssecretarissen als zonen en dochters van wat men in het jargon "oude krokodillen" noemt alsof een politieke carrière erfelijk is. Het parlement zelf werd een ja-knikker die zelf ternauwernood nog aan stevige debatten of aan schaarse wetsvoorstellen toekwam. Neen, het regende koninklijke besluiten en ministeriële wetsontwerpen, steevast goedgekeurd meerderheid tegen oppositie.

Eén stem per burger?

Het één-burger, één-stem principe werd nog meer overboord gegooid dan al het geval was met de hybride staatshervorming en de democratische discussie stopte helemaal. En hoeft het gezegd, terzelfdertijd werden wij in Europa opgezogen. Een Europa dat wel de mond vol heeft over democratie maar in de werkelijkheid het dagelijkse leven van de europese burger dicteert vanuit een mandarijnenpaleis. De essentie van een democratie is niet dat er instellingen zijn die de naam gekregen hebben, maar dat de burger als betrokken partij rechtstreeks aan het debat kan deelnemen. Wat niet hetzelfde is als een politicus laten beslissen zogezegd omdat hij de burger vertegenwoordigt. Geen enkele burger die dat gelooft, behalve de politicus zelf. Het linkse collectivistische denken, dikwijls een doekje voor het bloeden dat eerder bestaat uit nepostisme, betutteling en regelrechte corruptie vindt zijn steun in de arme groot